7 veiligheidstips


Tips voor het behandelen van gasflessen

  1. Plaats de flessen nooit lager dan de begane grond. Gas is zwaarder dan lucht en brandbaar. Daarom mogen gasflessen niet in een kelder, een keldergat of rioolopening, of de nabijheid hiervan geplaatst worden. Maar zet ze ook niet bij een warmtebron en zeker niet bij een openvuur.
  2. Plaats elke gasfles rechtop en stabiel. Zowel een gevulde als lege fles bewaar je het best rechtopstaand, stabiel op egale ondergrond en op een goed verluchte plaats.
  3. Gebruik butaan op een plaats warmer van 5°C. Heeft de ruimte een temperatuur lager dan 5°C, gebruik dan een propaangasfles.
  4. Voorzien elke installatie met minstens 1 gasontspanner. Elke installatie met gasflessen moet voorzien zijn van minimum één gasontspanner. Deze moet zo dicht mogelijk bij de gasfles zijn en een aangepaste koppeling of schroefdraad hebben.
  5. Gebruik gekeurde gasslangen. In het geval van een soepele verbinding mag je uitsluitend werken met gasslangen die gekeurd zijn voor butaan- en propaangas. Deze slangen moeten elke 5 jaar vervangen worden.
  6. Sluit de kraan van een ongebruikte gasfles. Van zowel een gevulde als een lege gasfles, die niet wordt gebruikt, moet de kraan altijd gesloten zijn.
  7. Kijk de kraanverzegeling na bij aankoop. De kraanverzegeling is je garantie voor een correcte vulling, controleer bij aankoop of de verzegeling op de fles nog intact is.


Vereisten voor het plaatsen van gasflessen

  1. Het belangrijkste is dat de gasfles op een veilige plaats staat en dat je er makkelijk aan kunt als je deze wilt vervangen. De gasfles mag niet in de buurt van brandbaar materiaal staan.
  2. Plaats de gasflessen binnen gebouwen niet in de buurt van vluchtwegen en brandbaar materiaal, zoals afval en karton. Zijn de flessen in gebruik, zorg dan voor goede ventilatie van de ruimte.
  3. Gasflessen mogen slechts 1toestel van gas voorzien.
  4. Ideaal staan de gasflessen rechtop op een stevige, vlakke ondergrond. Bestaat toch de kans dat ze worden omgelopen, voorzie ze dan van een afsluiting of beveilig ze.
  5. Bescherm makkelijk hanteerbare flessen voor het bereik van kinderen. Bevoegden en nooddiensten moeten dan weer wel makkelijk aan de flessen kunnen.


Aansluiten op een butaan- of propaanfles

  1. Verwijder de beschermkap rond de kraan. Die is er alleen als er geen kraag op de gasfles zit. Gebruik hiervoor geen hulpstukken.
  2. Controleer of het blauwe plastiek dopje of de krimpfolie rond de kraan intact is en de code F3 draagt. Indien zo, verwijder dan de folie of het dopje en ga na of het handwiel van kraan dicht is. Dit doe je door er aan te draaien in klokwijzerzin.
  3. Ga na -voor je de fles aansluit- of de ontspanner nog intact is.

Heeft u een vraag over Eurogas, uw Limburgse propaangas leverancier -


Vervangen van gasflessen

Gasflessen zijn voorzien met een van volgende kranen:

  • POL aansluiting: kraan met binnendraad
  • TS aansluiting: kraan met buitendraad


Het verbindingsstuk dat reeds gebruikt werd, moet proper zijn en mag niet beschadigd zijn. Voor een kraan met buitendraad, gebruik dan de juiste moersleutel en draai de kraan volledig vast.

Ga na of de bedieningshendel van de ontspanner gesloten is (in horizontale stand). Indien dit niet het geval is, kun je de ontspanner namelijk niet monteren.


Bewaring van ongebruikte gasflessen

  • Bewaar niet te veel reserveflessen, die niet aangesloten zijn. Het aantal moet in verhouding zijn tot het gebruik. Vanaf 300 liter ben je verplicht dit te melden.
  • Stockeer volle gasflessen buitenshuis op een goed geventileerde plaats. Lege gasflessen laat je best ophalen of breng je zo snel mogelijk terug naar de plaatselijke verdeler.
  • Bewaar propaan- of butaanflessen meer dan 3 m verwijderd van flessen met gecompresseerd gas en giftige of oxyderende materialen.


Vereisten van propaangastoestellen

  • Laat een erkend installateur de propaantoestellen plaatsen,zodat deze conform de heersende wetgeving zijn geplaatst. Dit geldt zowel voor installaties in huis als voor commerciële doelen.
  • Gebruik alleen toestellen en accessoires voorzien van de CE-markering.
  • Voorzien voldoende ventilatie in de ruimte zowel voor een verbruikstoestel met als zonder schoorsteenpijp. Beperk of blokkeer de ventialtiegaten daarom onder geen beding. Dit kan er namelijk toe leiden dat het giftig koolstofmonoxide zich opstapelt.
  • Koolstofmonoxide (CO) is een erg giftig gas. Het heeft geen kleur, geur of smaak en is dus moeilijk detecteerbaar. Symptomen van een CO-vergiftiging lijken op die van een virale infectie. Je kunt buiten bewustzijn geraken zonder het te beseffen.


Let op volgende symptomen:

  • beklemmend gevoel aan het voorhoofd
  • hoofdpijn
  • hevige hoofdpijn, zwakte, duizeligheid, misselijkheid, braken
  • coma, intermitterende stuiptrekkingen
  • zwakke hartslag, trage ademhaling
  • een blootstelling in hoge mate kan de dood veroorzaken

 

Een vraag over gas? Eurogas, uw Belgische propaangasspecialist, helpt u graag verder!

Vraag advies

Contacteer onze Eurogas adviseurs
Wenst u informatie, een offerte of advies ? Contacteer onze Eurogas adviseurs.

Klik hier ...